0222. Volgens Abu Musa heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

"De gelovige is voor zijn broeder zoals een gebouw waarvan de stenen elkaar ondersteunen." Terwijl hij dit zei, kruiste hij zijn vingers.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • Deze hadith spoort de gelovigen aan om solidair te zijn en elkaar te helpen, zoals een gebouw waarvan de onderdelen elkaar ondersteunen. Zonder deze solidariteit kan de gelovige zijn leven hier op aarde en in het hiernamaals niet in goede banen leiden.
  • De gelovige kan niet zonder zijn broeders, zowel in de wereldse aangelegenheden als in zijn godsdienstige praktijk. Hij heeft de steun van iemand anders nodig, zoals het voor elk bouwwerk noodzakelijk is dat de onderdelen ervan elkaar ondersteunen, om zo een stevig gebouw te vormen.

0223. Volgens Abu Musa heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

Als iemand in één van onze moskeeën voorbijkomt of langs één van onze handelswegen komt en een pijl bij zich draagt, dan moet hij de punt ervan in zijn hand vastnemen, uit vrees dat hij anders een moslim zou verwonden.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • De Profeet (vzmh) was zachtmoedig, hij had medelijden met de moslims en hij was gehecht aan hun veiligheid.
  • Er wordt gewezen op de regels met betrekking tot het dragen van wapens.

0224. Volgens an-Nu'man ibn Bashir heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

Het beeld van de gelovigen in de liefde, de genade en de genegenheid die ze voor elkaar voelen, is te vergelijken met dat van het lichaam: Als een lichaamsdeel klaagt over één of andere pijn, dan lijdt het hele lichaam hieronder door slapeloosheid en koorts.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • Als solidariteit, genade en liefde de bouwstenen zijn van een maatschappij, dan worden zowel vreugde als verdriet gedeeld. Muslim levert volgens an-Nu'man de volgende woorden van de Boodschapper van Allah over: "De gelovige is vergelijkbaar met het lichaam van een mens: Als hij klaagt over zijn oog, dan voelt zijn hele lichaam er de pijn van en als hij klaagt over zijn hoofd, dan lijdt ook het hele lichaam daaronder."

0225. Abu Hurayra levert over:

De Profeet (sallaAllahu 'alayhi wa salam) kuste al-Hasan ibn 'Ali in de aanwezigheid van al-Aqra ibn Habis. Al-Aqra zei toen: "Ik heb tien kinderen en ik heb er nooit één van gekust." De Profeet keek naar hem en zei hem: "Er zal geen genade geschonken worden aan degene die geen genade toont."

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • Hoe kunnen we genade schenken aan degene die niet genadig is voor de anderen? Allah zegt: "Is er een andere beloning voor het goede dan het goede?" (Koran 55/60)
  • Deze hadith spoort ons aan om medelevend en genadig te zijn voor onze kinderen.

0226. Volgens A'isha ging een groep bedoeïenen naar de Profeet (vzmh) en vroegen ze hem:

"Kussen jullie je kinderen?" De Profeet (vzmh) antwoordde: "Natuurlijk." Ze zeiden: "Bij Allah! Wij kussen onze kinderen nooit!" De Profeet antwoordde toen: "Wat kan ik voor jullie doen als Allah de genade uit jullie harten heeft weggenomen?"

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • Genade is een menselijke eigenschap die Allah in het hart van Zijn dienaren geplaatst heeft. Laten we dus aan Allah vragen om onze harten zachter te maken met medeleven en genade.

0227. Volgens Jarir ibn 'Abdillah heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

Allah zal geen genade schenken aan degene die geen genade schenkt aan de mensen.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • We moeten genadig zijn voor alle schepselen, ook de dieren.

0228. Volgens Abu Hurayra heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

Als iemand van jullie het gebed leidt, laat hem het dan korter maken. Er zijn zeker onder jullie zwakke mensen, zieken en oude mensen. Als jullie alleen bidden, maak het gebed dan zolang als jullie willen.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • De verlichting van het gebed gebeurt door de recitatie van de Koran korter te maken, want de islam spoort aan tot gemak en niet tot last.
  • We moeten rekening houden met de grenzen van de ene en de andere en we moeten medeleven tonen, zelfs in het verrichten van collectieve daden van aanbidding.

0229. A'isha levert over:

De Profeet (sallaAllahu 'alayhi wa salam) verrichtte bepaalde van zijn vrome daden niet, uit schrik dat de mensen hem zouden nabootsen en dat deze daden dan een verplichting zouden worden voor hen.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • De Profeet (vzmh) was eraan gehecht om de zaken lichter en gemakkelijker te maken, uit schrik dat zijn gemeenschap dergelijke vrome daden niet zou kunnen verdragen.

0230. Volgens A'isha verbood de Profeet (vzmh) zijn metgezellen om voortdurend te vasten. Ze zeiden hem:

"Jij doet dat nochtans wel!" De Profeet (vzmh) antwoordde: "Ik ben niet zoals jullie, mijn Heer voedt mij 's nachts en Hij geeft me te drinken."

(Al-Bukhari en Muslim)

* Dat betekent dat Allah hem de kracht geeft van iemand die eet en drinkt.

 

Commentaar:

  • Het is verboden om voortdurend te vasten, opdat we ons lichaam niet zouden verzwakken en om in staat te zijn de andere voorschriften van Allah naar behoren uit te voeren. Voortdurend vasten werd alleen de Profeet (vzmh) toegestaan.

0231. Volgens Abu Qatada al-Harithi ibn Rib'i heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

Soms sta ik op om het gebed te verrichten met de intentie om lang te reciteren, maar als ik een kind hoor huilen, dan houd ik het kort, uit schrik dat ik zijn moeder last bezorg.

(Al-Bukhari)

 

Commentaar:

  • De Profeet (vzmh) had medelijden met zijn gemeenschap en hij had respect voor de ouderen en de kinderen.
  • De imams die het gebed leiden en preken geven, moeten het voorbeeld van de Profeet volgen en ervoor zorgen dat ze de gelovigen geen last bezorgen door te lang te reciteren of een te lange preek houden.

 

0232. Volgens Jundub ibn 'Abdullah heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

Wie het gebed van de dageraad (fajr) verricht, staat onder bescherming van Allah. Zorg ervoor dat Allah jullie geen rekenschap vraagt over dit verbond! Want mocht Hij rekenschap vragen, dan zou Hij jullie vastgrijpen om jullie met jullie hoofd eerst in het vuur van de Hel te werpen.

(Muslim)

 

Commentaar:

  • Er wordt gewezen op de gunst van het gebed van de dageraad, want dit gebed vormt een bescherming. Wie dit gebed verwaarloost door het niet op tijd te verrichten, loopt de bestraffing van Allah op.

0233. Volgens Ibn 'Umar heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

De moslim is de broeder van de moslim, hij is niet onrechtvaardig tegenover hem en hij levert hem niet uit (aan zijn vijanden). Als iemand zijn broeder hulp biedt, dan zal Allah hem helpen. Als iemand een verdriet of een moeilijkheid doet verdwijnen voor een moslim, dan zal Allah hem bevrijden van een moeilijkheid op de Dag der Opstanding. Als iemand de gebreken van een moslim verbergt, dan zal Allah zijn gebreken op de Dag der Opstanding verbergen.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • De hele schepping is onder de verantwoordelijkheid van Allah en als Hij Zijn dienaar verlost van een kwelling of een moeilijkheid, dan is dat dankzij Zijn goedheid.
  • Het is verboden om onrechtvaardig te zijn tegenover je gelovige broeder en om hem over te leveren in handen van onrechtvaardige mensen.
  • We worden aangespoord om onze broeders hulp te bieden en om hun moeilijkheden te helpen oplossen. De Islam roept op tot solidariteit en tot respect voor iedereen.

0234. Volgens Abu Hurayra heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

De moslim is de broeder van de moslim. Hij verraadt hem niet, hij liegt niet tegen hem en hij weigert niet om hem te helpen. De hele persoon van de moslim ten opzichte van zijn broeder is heilig: Zijn eer, zijn bezittingen en zijn leven. Daarin schuilt de vrees voor Allah. Het feit op zich dat een moslim zijn broeder minacht, is al een kwaad.

(At-Tirmidhi)

 

Commentaar:

  • Het leven, de bezittingen en de eer van de moslim zijn heilig. Een moslim minachten is een laaghartige zonde, want Allah heeft zijn eer heilig verklaard.
  • Het is dankzij dergelijke leerstellingen dat de vrome voorgangers van de eerste generaties een gemeenschap gevormd hebben die uitblonk door haar cultureel economisch en wetenschappelijk leiderschap.

 

0235. Volgens Abu Hurayra heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

Benijd elkaar niet, bied niet tegen elkaar op, zaai geen haat onder elkaar en negeer elkaar niet. Verkoop iemand geen koopwaar die je al aan iemand anders verkocht hebt. Wees dienaren van Allah als broeders. De moslim is de broeder van de moslim, hij mag hem geen onrecht aandoen en niet benadelen bij moeilijkheden, niet tegen hem liegen en hem niet minachten. Daarin schuilt de vrees voor Allah (terwijl hij driemaal naar zijn borst wees). Het feit op zich dat een moslim zijn broeder minacht, is al een kwaad. Heel de persoon van de moslim ten opzichte van zijn broeder is heilig: Zijn leven, zijn bezittingen en zijn eer.

(Muslim)

 

Commentaar:

  • Jaloers zijn op elkaar is verboden in de islam, het is een aantasting van de wil van Allah.
  • De moslim mag bij een verkoop niet opbieden met als enige doel een eventuele koper te misleiden. De moslim mag zijn broeder niet negeren, noch tijdens een gesprek, noch om te proberen om hem te ontwijken.
  • De islam staat de moslim niet toe om iemand die een aankoop verricht heeft voor te stellen om zijn koopwaar terug te brengen naar de verkoper, om hem vervolgens deze koopwaar goedkoper te verkopen. Dat laat de wroeging en de minachting onder de moslims enkel toenemen.

0236. Volgens Anas heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

De gelovige zal niet echt gelovig zijn zolang hij niet wil voor zijn broeder wat hij voor zichzelf wil.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • De gelovigen vormen één lichaam, de solidariteit en de bezorgdheid om de andere moet alomtegenwoordig zijn.
  • Deze hadith is van fundamenteel belang in de Sunna van de Profeet (vzmh). Het is een aansporing tot nederigheid en een goed karakter.
  • Een volmaakt geloof spoort ons aan om het goede te verrichten in de naam van Allah, met een zuivere altruïstische en vrijgevige geest.

0237. Volgens Anas heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

"Help je broeder, ongeacht of hij onrechtvaardig is of onderdrukt wordt." Een man vroeg: "O Profeet van Allah, ik help hem als hij onderdrukt wordt, maar als hij onrechtvaardig is, hoe kan ik hem dan helpen?" De Profeet (vzmh) antwoordde: "Door hem te verhinderen om onrechtvaardig te zijn en zo zal je hem geholpen hebben."

(Al-Bukhari)

 

Commentaar:

  • De islam roept op tot rechtvaardigheid in alle omstandigheden, of het nu om moslims gaat of niet.

0238. Volgens Abu Hurayra heeft de Profeet (vzmh) gezegd:

De moslim heeft vijf rechten op zijn broeder: Zijn begroeting beantwoorden, hem bezoeken als hij ziek is, zijn begrafenisstoet volgen, ingaan op zijn uitnodiging en als hij niest, tegen hem zeggen: "Moge Allah je genade schenken."

(Al-Bukhari en Muslim)

 

In een versie van Muslim vinden we terug:

De moslim heeft zes rechten op zijn broeder: Hem begroeten als je hem ontmoet, ingaan op zijn uitnodiging, hem raad geven als hij jou om raad vraagt, tegen hem zeggen: "Moge Allah je genade schenken" als hij niest, hem bezoeken als hij ziek is en zijn begrafenisstoet volgen.

 


Commentaar:

  • De groet beantwoorden is een plicht voor iedere persoon (fard 'ayn), maar als het om een groep gaat, volstaat het dat één persoon van de groep de groet beantwoordt opdat de rest ervan vrijgesteld wordt.
  • Het is aanbevolen om een zieke te bezoeken, maar als de zieke een naaste is, dan wordt het een plicht.
  • De begrafenisstoet volgen is een plicht voor de gemeenschap (fard kifaya).
  • Ingaan op een huwelijksuitnodiging is een plicht als er voldaan wordt aan de algemene voorwaarden die voorgeschreven werden door de moslimrechtsgeleerden in verband met het huwelijk.

 

 

0239. Abu 'Umara al-Bara' ibn 'Azib levert over:

De Profeet (vzmh) heeft ons bevolen om zeven voorschriften na te leven en hij heeft ons zeven zaken verboden. Hij heeft ons bevolen om de zieken te bezoeken, de begrafenisstoet te volgen, tegen iemand die niest "Moge Allah je genade schenken" te zeggen, de woorden van de persoon die zweert als waarachtig te beschouwen, hulp te bieden aan de onderdrukte, in te gaan op de uitnodigingen en onze broeders te begroeten. Hij heeft ons verboden om gouden ringen te dragen, uit zilveren bekers te drinken, te gaan zitten op zijden kussens, ons te kleden met qasi (een mengeling van zijde en katoen), zijde, brokaat of satijn.

(Al-Bukhari en Muslim)

 

Commentaar:

  • De onderdrukte helpen is een plicht in de islam. Het is ook verboden om gouden vaatwerk te gebruiken.
  • Het verbod om gouden ringen en zijde te dragen geldt enkel voor de mannen.