Zien wij Allah in het Hiernamaals?

Vraag:

 

Wat is het oordeel over degenen die het zien van hun Heer (in het Hiernamaals) ontkennen?

 

Antwoord:

 

Alle lof zij Allah en vrede en zegeningen zij met Zijn Profeet, diens familie en metgezellen.

 

Degene die het zien van zijn Heer ontkent, is dwalende. Dit omdat Allah, de Verhevene, ons te kennen heeft gegeven dat wij Hem zullen zien. Ook heeft de Profeet (vrede zij met hem) dit bevestigd. Zo zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

 

“Gezichten zullen op die Dag verlicht zijn. Naar hun Heer zullen zij kijken.”

(Soerat al-Qiyaamah: 75)

 

Tevens zegt Allah, de Verhevene, aangaande de ongelovigen (interpretatie van de betekenis):

 

“Nee, voorwaar, zij zullen zeker op die Dag van (het zien van) hun Heer afgehouden worden.”

(Soerat al-Moetaffifien: 15)

 

Dit duidt erop dat de gelovigen op deze dag niet afgehouden zullen worden van het zien van hun Heer. Zij zullen Hem dus zien op de Dag des Oordeels en in het Paradijs. Zo zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

 

“Voor degenen die het goede verrichten is er het beste en meer.”

(Soerat Yoenoes: 26)

 

De Profeet (vrede zij met hem) zei over dit vers: “Het ‘beste’ is het Paradijs en ‘meer’ is het aanschouwen van het Gezicht van Allah.”

 

Dit is de uitleg die de Profeet (vrede zij met hem) aan dit vers heeft gegeven. Daarnaast heeft de Profeet (vrede zij met hem) ons te kennen gegeven dat de mensen op de Dag des Oordeels hun Heer zullen zien, zoals de zon op een klaarlichte dag en de volle maan op een heldere nacht worden gezien.

 

De overtuiging van Ahl us-Soennati wal Djamaacah, waaronder de metgezellen van de Profeet (vrede zij met hem) en de generaties na hen, is dat Allah wordt gezien in het Hiernamaals. Aan degene die dit ontkent, dienen de bewijzen vanuit de Koran en Soennah getoond te worden. Blijft hij echter volharden in het ontkennen hiervan, dan treedt hij buiten het geloof. Dit omdat het ontkennen hiervan een verloochening is van zowel de Koran als de Soennah van de Profeet (vrede zij met hem). De plicht die op de geleerden rust is het verduidelijken van deze zaak en degene die hierover in twijfel verkeert, dient Allah te vrezen en terug te keren naar de waarheid. De gelovigen zullen, zoals is gebleken uit de bewijzen en consensus van Ahl us-Soennati wal Djamaacah, hun Heer aanschouwen op de Dag des Oordeels op de plek van verzameling en in het Paradijs. Wat betreft de ongelovigen; zij zullen hun Heer niet aanschouwen, zoals Allah zegt (interpretatie van de betekenis):

 

“Nee, voorwaar, zij zullen zeker op die Dag van (het zien van) hun Heer afgehouden worden.”

(Soerat al-Moetaffifien: 15)

 

Sheich Abd ul-Aziez ibnoe Baaz

www.ibnbaz.org