Wat zijn de specifieke kenmerken van de tiende dag van Dhoel Hiddjah?

Vraag:

Wat zijn de specifieke kenmerken van de tiende dag van Dhoel Hiddjah?

 

Antwoord:

Alle lof zij Allah en vrede zij met Zijn Boodschapper,

Toen de Profeet (vrede zij met hem) in Medina aankwam, hadden de mensen twee dagen waarin zij feesten. Hierop zei hij: “Allah heeft jullie hiervoor twee betere dagen gegeven: de dag van al-Fitr en de dag van al-Adhaa.”                            (Aboe Dawoed, authentiek bevonden door al-Albaani)

Allah heeft deze gemeenschap twee dagen gegeven waarin wordt ontspannen en plezier wordt gemaakt. Twee dagen voor het gedenken en bedanken van Allah en het vragen van vergeving aan Hem. In dit leven hebben de gelovigen drie feestdagen. Eén van deze feestdagen is wekelijks terugkerend en twee ervan vinden eens per jaar plaats. De wekelijks terugkerende feestdag is de vrijdag. De overige twee feestdagen die eens per jaar plaatsvinden, zijn:

·     cIed ul-Fitr, het einde van de maand Ramadan: de derde pillaar van de Islam.

Wanneer de moslims de verplichting van het vasten in deze maand voltooid hebben, is er door Allah voorgeschreven dat dit gevolgd dient te worden door een feestdag. Op deze feestdag komen zij bij elkaar om Allah te bedanken, gedenken en prijzen voor Zijn Leiding. Op deze dag verrichten zij het gebed en geven uit aan liefdadigheid.

·     De tweede feestdag is cIed ul-Adhaa (het offerfeest). Deze feestdag valt op de tiende dag van de maand Dhoel Hidjjah.

Deze feestdag is groter en verhevener dan de cIed ul-Fitr en is verbonden aan het voltooien van de Haddj. Wanneer de pelgrims hun Haddj voltooien, zijn hun zonden hen vergeven.

De Haddj eindigt in feite op de Dag van cArafah (de negende dag van Dhoel Hidjjah) na het staan op de vlakte van cArafah. Dit laatste is de belangrijkste zuil van de Haddj, zoals de Profeet (vrede zij met hem) zei: “De Haddj is cArafah.”                                                                                
                                                                    (at-Tirmidhi, authentiek bevonden door al-Albaani)

De dag van cArafah is de dag van het bevrijden van het Vuur. Dit is de dag waarop Allah degenen die stonden op cArafah bevrijdt van het Hellevuur, maar ook de moslims die niet stonden opcArafah. Vandaar dat de dag die hierop volgt een feestdag is voor alle moslims over de hele wereld, voor zowel degenen die de Haddj hebben verricht als degenen die dit niet hebben verricht. Het is voorgeschreven voor hen om toenadering te zoeken tot Allah door middel van het laten vloeien van het bloed van de offerdieren.

Resumerend, de gunsten van deze dag zijn:

  1. Het is de beste dag van alle dagen voor Allah.

Ibn al–Qayyim zegt in zijn boek 'Zaad ul-Macaad(1/54) dat de beste dag bij Allah de dag van het offeren is. Dit is tevens de belangrijkste dag van de Haddj, zoals ook door Aboe Daawoed wordt overgeleverd. De Profeet (vrede zij met hem) zei: “De meest verheven dag bij Allah is de Dag van het offeren.”                                                   (Authentiek bevonden door al-Albaani)

  1. Het is de belangrijkste dag van de Haddj

Er is overgeleverd dat Ibn cOmar zei: “De Profeet (vrede zij met hem) stond tussen de Djamaraat op de Dag van het offeren, tijdens zijn bedevaart, en hij zei: ,,Dit is de belangrijkste dag van de Haddj.”                                                                                                                                      (al-Boechari)

Dit vanwege het feit dat op deze dag de voornaamste daden van de Haddj plaatsvinden, namelijk:

  • Het stenigen van Jamrat al-cAqabah
  • Het slachten van de offerdieren
  • Het scheren van de hoofd of het kortknippen van het haar
  • De Tawaaf (rondgang om de Kacbah)
  • Saciy (heen en weer lopen tussen de bergen Safaa en Marwah)
  1. Het is de feestdag van de moslims

De Profeet (vrede zij met hem) zei: ”De dag van cArafah, de dag van het offeren, en de dagen van Tashrieq zijn voor ons, de mensen van de Islam, feestdagen. Het zijn de dagen waarop wordt gegeten en gedronken.”                                         (at-Tirmidhi, authentiek bevonden door al-Albaani)

En Allah weet het het beste.

Sheich Mohammed Saalih al-Munaddjid