Het zeggen van Djoemoe´ah Moebaarakah

Vraag:

Wat is het oordeel over het zeggen van Djoemoecah Moebaarakah (een gezegende vrijdag) tegen elkaar op vrijdag? Dit is namelijk een uitspraak die zich verspreidt tussen de jongeren. Moge Allah jullie rijkelijk belonen.

Antwoord:

Alle lof zij Allah, vrede en zegeningen zij met de Profeet van Allah en met zijn familie en metgezellen.

Het regelmatig zeggen van Djoemoecah Moebaarakah tegen je moslimbroeder, elk vrijdag of na de vrijdagpreek, is niet van de Soennah. Wij kennen geen Soennah van de Profeet (vrede zij met hem) noch van zijn vrome metgezellen die dit bevestigt. Tevens zijn er geen geleerden die dit hebben toegestaan. Om deze reden is dit een innovatie, voornamelijk als dit als een vorm van aanbidding wordt gezien of als men ervan overtuigd is dat het een Soennah betreft.

Er is overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Wie een daad verricht die niet in overeenstemming is met onze zaak; het zal verworpen worden.”

(Moeslim)

Ook zei de Profeet (vrede zij met hem): “Wie iets toevoegt aan deze zaak van ons wat hiertoe niet behoort, het zal verworpen worden.”

(al-Boekhaarie en Moeslim)

Als de moslim toch tegen zijn moslimbroeder Djoemoecah Moebaarakah zegt zonder dat hij overtuigd is dat dit bevestigd is in de Soennah, hij zich hier niet echt aan houdt en dit niet regelmatig zegt maar slechts zegt als een vorm van smeekbede, dan hopen wij dat hier niets op tegen is. Het verlaten van deze uitspraak is echter beter, zodat het niet een Soennah zal worden die zal voort blijven bestaan.

En Allah weet het het beste.