Wie gaat er voor in het gebed?

Vraag:

Wat is de correcte uitleg van de volgende uitspraak van de Profeet (vrede zij met hem): “Degene die het meeste van de Koran uit zijn hoofd kent, dient voor te gaan in het gebed.”?

Antwoord:

Alle lof zij Allah.

Allereerst is deze overlevering terug te vinden in Sahieh Moeslim. Men dient deze overlevering letterlijk te nemen. Het gaat hier om de memorisatie van het Boek van Allah en de vaardigheid van het reciteren ervan. Dit in tegenstelling tot wat sommige mensen geloven, namelijk dat het slechts gaat om het begrijpen van de betekenis ervan, zonder dat er sprake is van memorisatie of recitatie.

Wat hierop duidt is de overlevering die vermeld staat in Sahieh al-Boekhaari over de jonge metgezel cAmr ibnoe Saliemah. Hij was de imam van zijn volk, ondanks dat hij de jongste onder hen was. Hij was hun imam, omdat hij het meeste van de Koran had gememoriseerd.

Verder staat er niets anders in deze overlevering vermeld dat aangeeft door welke eigenschap deze metgezel onderscheiden werd. Het gaat dus slechts om zijn memorisatie en recitatie van de Koran. Er wordt geen melding gemaakt over het begrip ervan.

Het komt namelijk zeer zelden voor dat degene die het meeste van de Koran heeft gememoriseerd niet behoort tot degenen die er geen begrip van hebben. Laat staan dat zij behoren tot degenen die onbekend zijn met al-Fiqh (de jurisprudentie). En dit is heel duidelijk, alle lof zij Allah.

Sheikh Naasir ud-Dien al-Albaanie